Een lang weekend Brussel? Hier mag je aanschuiven! De leukste restaurants van Brussel
Als je van lekker dineren in een bijzondere setting houdt, móét je naar Era. Het zit in een oud bankgebouw dat omgetoverd werd tot het indrukwekkende Hotel Fleur de Ville. Hoge plafonds, een statige trap, sierlijke details… allemaal very Instagrammable. Chef Yonatan Cohen gooit Franse en Europese klassiekers op tafel, maar dan met een frisse twist. Alles is vers, lokaal en gewoon écht lekker. Die oesters met chili‑olie en limoenkaviaar? Die blijven sowieso nazinderen. Het ziet er misschien chique uit, maar de service is super warm en persoonlijk, waardoor je meteen op je gemak bent. Elk gerecht hier is ook echt een plaatje. Era mag absoluut niet ontbreken voor een datenight in Brussel.
Het is een warm welkom bij neo-bistro Charivari in Sint-Gillis. Rode neonletters op de gevel, fluwelen theatergordijnen bij l’entrée, en eenmaal binnen: kaarslicht, retro vibes, wijnrode muren en héél veel gezelligheid. Charivari zit elke avond lekker vol, en schuif je alvast aan de bar voor een mooi glas natuurwijn als je nog even moet wachten op je tafel. De kaart is klein, fijn, vol seizoensgebonden en zonder poespas. De gerechten die Anthony de keuken uit tovert zijn knap, puur en bomvol smaak. Leuk om alles te proeven – en mede-eigenaresse Anna weet meer dan precies welk wijntje met welk gerecht matcht. Dit is echt zo’n plekje dat je eigenlijk het liefst geheim wilt houden.
Zin in een avond Italië in hartje Brussel? Kies dan voor Norma. Authentiek Italiaans, met een kaart die overzichtelijk is (minder keuzestress!). Het interieur is gezellig en voelt heel lokaal aan. Begin met een paar antipasti om te delen, bestel daarna één van hun heerlijke pasta’s en geniet van een avond tafelen zoals het hoort: ontspannen, lekker en zonder poespas. Bonuspunten: dit adres is een echte favoriet bij de locals, dus je zit hier meteen tussen de Brusselaars.
Kan het na Norma toch nog nét iets meer pizza zijn? Dan schuiven we door naar Nona. Volgens heel wat locals dé allerlekkerste Italiaan in the hood, en eerlijk: daar valt weinig tegenin te brengen. Nona serveert échte Napolitaanse pizza zoals de pizza ooit ontwikkeld is. En meer dan dat hoeven we ook niet. De OG pizzeria in de Sint-Katelijnestraat blijft onze favoriet maar ook de andere locaties stellen niet teleur.
Flamme doet eigenlijk alles gewoon goed. Het interieur is insta-worthy, de kleine gerechtjes om te delen zijn heerlijk, er is een enorme keuze aan frisse (natuur)wijnen en de bediening zou je aan het eind van je avond bijna een vriend kunnen noemen. Daarnaast hebben ze een heerlijk terras. Flamme vind je in de wijk Sint Gillis, waar je ook nog eens genoeg opties hebt voor een pre- of after dinner spot.
Vergeet een klassieke zaak: in Nightshop dineer je in een voormalige garage met industrieel design. De sfeer, het eten, de locatie, de wijnen; alles hier zorgt ervoor dat we elke Brussel trip weer terugkomen. Echt zo een vaste stek die nooit teleurstelt. Op de kaart verfijnde gerechten, in het glas natuurwijn van niveau. Opgelet: populair adres, dus reserveren is slim.
We hebben er weer één. Een food market in Brusselse vorm in de oude lokettenzaal van de vroegere Belgische ASLK-Bank. Een super tof pand hebben ze al, vonden ze bij Wolf ook. Gelukkig hebben ze daarom allerlei oude elementen van deze bank lekker in hun oude glorie gelaten en gecombineerd met ruwe eigentijdse nieuwigheden. Dat Wolf van upcyclen weet is terug te vinden in dit unieke pand. Je vindt er delen van oude loketten, originele lampen en hergebruikte bureau’s. De naam wolf doet wat dat betreft wel eer aan deze markt. Voor het eten kun je er, net zoals bij bijna iedere markt, terecht tussen de verschillende wereldwijde keukens. Van Vietnamees tot Grieks, ze hebben het.
Plantaardig eten, maar niet op die brave manier. Daarvoor moet je bij Savage zijn! Groenten die ineens hoofdrol krijgen en dat ook echt durven zijn. Ze serveren er een vast menu dat meegaat met het seizoen, met van die combinaties die je zelf niet zo snel bedenkt maar zo hard smaken. Buiten is het tafelen op het stoepterras, binnen is het gezelllig en tegelijkertijd een tikje eigenzinnig. Alles komt op vrolijke bordjes die je spontaan wil houden. En recht tegenover? Bakkerij Goods, voor nog wat lekkers mee naar huis.
Bij Chez Richard zit je in Frankrijk. Niet echt natuurlijk, maar wel net echt. Met zijn heerlijke art-deco stijl lijk je binnen wel een paar jaar terug de tijd in te gaan. Op de romantische manier zoals je hoopt hoe het leven er vroeger uit zag. Logisch ook dat het legendarische café vol hangt met allerlei pracht aan antiek en vintage. Ook legendarisch om de kaart waar je allerlei gerechten vindt die in het eerste geval misschien niet bijzonder zijn maar wel op de juiste manier bereidt. De borrel met drankkaart doet het hier altijd goed ook al kun je er de hele dag aanschuiven.
Een gezellig plek met goede sfeer heeft niet zoveel poespas nodig. Zo ook Certo, dé Italiaan in het hart van Saint Boniface. Authentiek Italiaans dineren doe je er met de heerlijke lucht van pittige parmezaanse kaas en verse huisgemaakte pesto om je heen. De Italiaanse keuken doet het altijd goed, jij weet het, wij weten het. Vooral als het hele team uit echte Italianen bestaat die weten wat ze doen. Dat weten wat ze doen, doen ze bij Certo. Oh lord we willen er nu zitten met de overheerlijke artisjok carpaccio op ons bord en de Cacio e Peppe spaghetti. We kunnen niet kiezen!
Misschien niet zo’n plek waar je uitgebreid gaat dineren, maar het typisch Chinese Taverne De Zhao wil je niet overslaan voor een snelle hap. Ze zitten al wijd verspreid in Parijs en ondertussen dus ook in Brussel, op een boogscheut van Sint-Bonifaas. Klein, druk, dampende noedels en vooral geen gedoe. Gewoon kommen die bijna over de rand gaan en een tempo in de bediening waar je van staat te kijken. De biang biang noodles stelen hier de show: breed, handgemaakt, een beetje messy en heel veel smaak. Met pittig rund, gestoofd varken of gewoon tomaat, alles kan! Eens je hun noedels geproefd hebt, wil je sowieso terug.
Ooit, in een niet zo ver verleden, kenden we Au Bassin beter als reizigers café Via Via (je weet wel, die keten met locaties over vier continenten met als doel reizigers samen te brengen en van elkaar te leren). Via Via is niet meer en maakte plaats voor een (leuker) Au Bassin. De eigenaren vonden dat Au Bassin meer verdiende en toverde de oude warenhuis om tot een ware parel. Op de kaart vind je, als je goed kijkt, nog wat invloeden van het vroegere Via Via. Probeer bijvoorbeeld een van de Chileense of Peruviaanse Cocktails. Klinkt dat iets te spannend, ga dan voor een echt goed Belgisch biertje. Dan zit je altijd goed.
Een lekker oldie in Brussel door velen benoemd als goldie. Dit is een echte Belg met een echte Belgische keuken. Dat de Belgische keuken lekker is, wisten wij heel eerlijk gezegd nog niet. In de keuken van Au Vieux Saint Martine bereiden ze Brusselse specialiteiten. Op zijn Brussels betekent dat veel gerechten met eieren. En toch wel leuk om te weten is dat het restaurant qua looks niet heel erg veranderd is sinds de good old sixties. Net zoals de rundertartaar waarvan het recept uit 1924 dateert (over terug in de tijd gaan gesproken). Wij hopen dat ze dit dan ook niet helemaal op de schop gaan gooien (fingers crossed).
Die oude jongen van Brussel serveert Thais en Chinees eten in een prachtig jasje. Old Boy gaat voor die gerechten die je normaal alleen in de straten van Bangkok vindt of ooit hebt mogen proeven tijdens een bezoek aan Taipei. Gerechten waar nog geen Engels of (nog erger) Nederlands woord voor bestaat. Versies van noodles, Thaise Tofu Bao of Spicy Chicken komen je neus voorbij. Je eet dit gezellig aan de bar op, zoals het vaak in Azië gaat. Een mooie bar, dat wel.
Een restaurant waarvan niemand verwacht dat er een Japanse keuken achter schuilt. Met zijn hoge plafonds en moderne, maar simpele inrichting ziet het er niet bepaald Aziatisch uit. De Japanse invloeden vind je pas terug op de menukaart en vervolgens op je bord. Het gaat nog steeds wel om invloeden en inspiratie uit de Japanse keuken, want echt Japanse gerechten serveren ze niet bij Little Tokyo. Wat het dan wel is, blijft iedere week weer een verassing. De chefs van Little Tokyo bedenken elke week weer wat nieuws op de kaart. Reden om eindeloos te blijven terugkeren.
Al een tijdje populair zijn ze, van die (veelal) koude loempia’s in een rijstvelletje gestoken. Deze Vietnamese versnaperingen veroveren langzaam de Europese markt en zo ook Brussel. Knees to Chin brengt de spring rolls, zoals ze heten, naar België. En deze happen doen het goed in de stad. Mocht je graag zo een spring roll willen proeven, maar niet in de buurt zijn van Knees to Chin filiaal; bij Wolf Foodmarkt kan je ze ook scoren!
Zo’n adres waar je buitenkomt en weet, hier komen we nog een keer: Chez Jacky. Het zit er altijd gezellig vol met locals die duidelijk weten waar ze moeten zijn. Binnen voelt het warm en vertrouwd, met veel hout, zachte kleuren en een sfeer die ergens tussen een klassieke, Brusselse bistro en een fijn buurtrestaurant hangt. Op het menu geen poespas, wel gerechten waar je spontaan zin in krijgt: geroosterde kip met verse frietjes, konijn met geuze en puree of een perfect gebakken forel. Schenk daar een glas natuurwijn of een Brusselse pint bij en je snapt meteen waarom dit adres in geen tijd zoveel vaste gasten verzamelde.
Wist je dat? Dat onze onderburen ook aan dezelfde Noordzee liggen maar Brussel zelf niet (ha kan natuurlijk ook helemaal niet). Daar vonden ze een chique oplossing voor: De Noordzee la Mer du Nord (klinkt toch fantastisch). Zoals de naam hopelijk al doet vermoeden is Noordzee een dijk van een visbar waar de vis verser dan vers bereid wordt. We noemen maar wat als zachte tonijn filet en knapperige calamari. Yummy! Op hun manier halen ze de zee een beetje naar de stad. Verse vis, but make it streetfood. Kunnen we wel smaken!
Verstopt in een steegje in de Marollen ligt La Bonne Chère, zo’n adres waar je niet toevallig voorbij wandelt, maar dat je achteraf wel aan iedereen wilt tippen. Binnen is het gezellig vertoeven tussen de bakstenen muren en cosy gordijnen, de toon wordt meteen gezet voor een lange avond. Verwacht geen voorspelbare kaart, wel creatieve borden die mee evolueren met de seizoenen!
Kline is ruw, industrieel en een tikje brutaal, maar op de beste manier. Op tafel komen gerechten die je het liefst allemaal wilt delen, met veel aandacht voor lokale producten: van groenten tot bier en zelfs miso uit de buurt, houden we van. Hun eigen draai, mét wereldse invloeden. Deze plek wil je niet overslaan.
Voor een zonnige apero of heerlijk lang tafelen: Café des Minimes. Dez plek ligt tussen authentieke wijken de Marollen en de Zavel en voelt een beetje als de woonkamer van de buurt. Een uiterst gezellig terras en ook binnen is het heerlijk vertoeven. Op tafel komen seizoensgerechten zonder gedoe, in je glas natuurwijn of een speciaalbier van een kleine brouwerij. Niet moeilijk doen, wel goed doen. Precies daarom komen we hier graag keer op keer terug.
Nog zo’n Italiaan die je niet mag overslaan: Gazetta. Echt zo’n adres waar een snelle pasta zomaar uitloopt op een lange tafel vol gedeeld lekkers. De pasta van de dag is hier heilig: wat er precies op het bord belandt, verschilt, maar altijd goed. Denk rigatoni met ricotta en citroen of een pittige arrabbiata waar meteen een tweede glas wijn bij past. Alles precies zoals het hoort: simpel, vers en perfect al dente. Hoge houten tafels, een levendige sfeer en dat typisch Italiaanse gevoel waarbij een doordeweekse lunch of een gewone dinsdagavond ineens bijzonder gezellig wordt. Op zoek naar een heerlijke spot en er niet al je geld aan uit willen geven: dit is the place to go.