Slow Summer in Zwitserland: waarom Arosa de leukste zomerbestemming is
De afgelopen jaren namen we maar al te graag een van de mooiste treinreizen van Zwitserland om in het bergdorp Arosa te komen. We kwamen er vooral voor de sneeuw, de rust op de pistes waar iedereen uit de voeten kan en de gezelligheid en sauna's erna. Tot we besloten dat we ook maar eens een kijkje moesten nemen in de zomer.
Beste beslissing ooit. Want op 1800 meter blijken de bergen groen, de buitenlucht heerlijk en het dorp precies zo rustig en tegelijkertijd net zo gezellig als in de winter. En dus zeggen we het maar hoe het is: Arosa is misschien wel de fijnste zomerbestemming waar je nog nooit in de zomer aan dacht.
Je kunt naar Arosa rijden (een kleine tien uur met de auto vanaf Utrecht), maar er zijn ook een aantal andere fijne opties. Wij namen het vliegtuig naar Zurich en vervolgens de trein naar Arosa, a.k.a. de Rhätische Bahn. En vanaf het stuk van Chur zit je op je puntje van je stoel. De treintrit doet er ongeveer een uur over, kruipt door het Schanfiggdal over viaducten langs bossen en piepkleine bergdorpen.
In Arosa heb je geen auto nodig, want alles is easy peasy te doen met de benenwagen en de bus van Arosa zit bij de Arosa Card inbegrepen (daaronder hierover meer). Ideaal. En voor wie vanaf Nederland het liefst de trein helemaal naar Zwitserland pakt; dat kan uiteraard ook gewoon.
Grote kans dat je wanneer je in Arosa bent, je de dagen actief vult. Des te fijner is het als je ergens goed uit kunt rusten. In het dorp zijn er meer dan genoeg fijne hotels. Wij kozen voor slow summer op 1.800 meter bij hotel Valsana, aan de bosrand net buiten het dorp. Ooit gebouwd als het eerste hotel dat volledig zonder gas of olie draait (aardwarmte en een ijsbatterij doen het werk) en inmiddels beloond met twee Michelin Keys. Veertig kamers en negen appartementen met een balkon. Je dag begint met yoga of pilates of met een espresso van Quintacoira, de koffiebranderij uit Chur die op de begane grond zit.
Daarna is de planning wandelen, fietsen, of tennissen op twee indoorbanen en buitenbanen met tennisdirecteur Petr Osusky die je forehand fatsoeneert. Terug in het hotel wacht 800 vierkante meter spa over twee verdiepingen met een relaxpool van 32 graden en sauna’s die uitkijken op het bos. Eten doe je bij TWIST, waar de plantaardige Moving Mountains-menu’s minstens zo goed zijn als de klassiekers, en op zomerse zaterdagen in augustus draaien ze funky platen op het terras.
Nog even over de Arosa Card: je krijgt hem automatisch vanaf je eerste overnachting. Inbegrepen zijn alle bergbanen, de bussen in het dorp, het traject van de Rhätische Bahn binnen het gebied, het klimpark, de bootjes en waterfietsen op de Obersee, het skill center voor bikers en het strandbad bij de Untersee. De kaart loopt in 2026 van half juni tot eind oktober en welke activiteiten er precies in zitten, verschuift per seizoen.
In Arosa haal je dus echt alles uit je vakantie. Neem je een van de bergbanen dan hoef je niet te klimmen om boven te komen en kun je je wandeling vanaf daar beginnen. En wandelen kun je, want in Arosa ligt zo’n 200 kilometer aan wandelpaden. Up to you hoe zwaar het wordt. Onze favorieten wandelroutes (of hikeroutes, hoe jij het wil noemen) zijn de volgende:
Schwellisee & Älplisee
De twee-merenwandeling met rustige paden met helder berglicht en meren waar je uren wil hangen. Neem een lunch mee, ga op een steen zitten en geniet.
De watervallen
Watervallen check, die heeft Arosa als geen ander! Dit is een kortere tocht vanuit het dorp, ideaal voor een warme middag.
Wil je ter plaatse advies over welke wandeling het beste bij je past? Je kunt gewoon binnenlopen bij de Arosa Tourist Office om een route uit te stippelen
Prätschsee – Prätschalp – Rot Tritt – Scheidegg
Deze is iets pittiger met uitzichten die je telefoon niet kunnen vangen.
De 10-merenroute
Zo’n 15 kilometer langs bergmeer na bergmeer. Voor de dag dat je echt wil lopen.
Schanfigger Höhenweg
Het hoogtepad helemaal terug naar Chur. Ambitieus, maar je kunt hem prima in stukken doen en met de trein weer omhoog. Heb je in ieder geval een goede reden om weer die prachtige treinrit te maken.
Het Eichhörnliweg
Dit is het eekhoornpad net buiten het centrum, waar je de beestjes uit je hand kunt voeren. Vlak, goed begaanbaar en ja, bedoeld voor kinderen, maar we judgen niet als volwassenen ‘m ook lopen. Deden wij ook ;).
Tip voor de vroege vogels: in de hoogzomer worden er zonsopgangstochten naar de Weisshorn georganiseerd, inclusief ontbijt boven.
Kijk, je kunt uren wandelen naar een meer en dat raden we zeker aan. Maar Arosa zelf er ook twee in het dorp liggen, waar je weinig stappen voor hoeft te zetten.
Op de Obersee kun je in de zomer een bootje huren (gratis met de Arosa Card) en er langs slenteren over de promenade. De Untersee is ondieper en dus warmer. Hier is een zandstrand, een meer met vermaak zoals een springplank, een ligweide en een terras. Bergwater blijft bergwater, dus reken op kou. En zorg dat je niet meteen na het wandelen erin duikt, je lichaam moet namelijk heel erg wennen aan de koude temperaturen.
Of er bruine beren in Zwitserland wonen? Niet echt. Maar Bij Prätschli, vlak bij het middenstation, ligt het Arosa Bärenland, en dit was voor ons het onverwachte hoogtepunt. Hier wonen bruine beren die zijn gered uit circussen, betonnen hokken en privékooien, opgevangen samen met dierenwelzijnsorganisatie VIER PFOTEN. En dat is indrukwekkend om te zien. Ze hebben een enorm stuk berghelling voor zichzelf, met bomen, gras en modderpoelen.
Je staat er dus niet naar een attractie te kijken, maar naar dieren die voor het eerst in hun leven gewoon beer mogen zijn. Met de Arosa Card kom je er met een korting in.
En als je er dan toch bent….Vanaf het Bärenland loop je in ongeveer een uur terug naar Prätschli over het Ricola Kräuterweg. Ja Ricola van de pastille! Onderweg staan tien stations waar je leert welke bergkruiden er in die snoepjes zitten, hoe ze geoogst worden en hoe het merk ooit begon. Je mag ruiken, proeven en aan dingen draaien. En voor je het weet heb je je stappen weer gezet.
Klinkt als iets voor kinderen, is het ook, maar wij liepen zonder kids en waren minstens zo enthousiast. En het uitzicht onderweg is de wandeling sowieso waard.
Komen we toch weer even terug bij de Obersee in het dorp. Op dinsdag, vrijdag en zaterdag verandert de Obersee in een hydroscreen, een halfronde waaier van miljoenen waterdruppels, die laserlicht opvangt. De show duurt zo’n tien minuten, het programma wisselt en het is helemaal gratis. Bij slecht weer kan hij vervallen, dus check even vooraf.
Iets rustigers? Op dinsdag om 17.00 uur is er een klassiek concert van drie kwartier in het piepkleine Bergkirchli boven het dorp. Kaartjes kosten rond de CHF 20 en de wandeling ernaartoe is prachtig. Het is onderdeel van Arosa Kultur, dat tussen juni en oktober meer dan honderd concerten, lezingen en voorstellingen programmeert.
En wil je snappen waarom dit dorp er zo uitziet als het eruitziet: het Heimatmuseum Schanfigg vertelt het verhaal van Arosa als kuuroord, toen mensen hierheen kwamen voor de lucht in plaats van voor de sneeuw.
Verbluft waren we door de restaurants in Arosa. Kijk, je komt hier hoogstwaarschijnlijk voor een actieve vakantie, maar wij vonden het net zo goed een culinaire bestemming. En dat eten hier gaat op twee manieren: in het dorp of op de berg. In het dorp zouden we zeker nog eens hier aanschuiven;
Güterschuppen
De oude goederenloods bij het station, waar Bündner klassiekers een moderne draai krijgen. Hoge ruimte, mooie bar en een van de populairste adressen van het dorp, dus reserveren.
Aifach
Aan de Poststrasse, en qua concept het leukste adres van het dorp. Hier hebben ze geen menukaart, maar een verrassingsmenu van vier gangen dat elke dag verandert, afhankelijk van het seizoen en het humeur van de koks. Er is een vegetarische variant. De keuken staat open en middenin het restaurant, dus je zit de hele avond te kijken naar wat er straks op je bord komt. Alleen ’s avonds open, dinsdag en woensdag dicht, en reserveren is geen overbodige luxe.
Gutschi
Dit is de bar e pizzeria. Best of both worlds: een alpenkeuken én pizzeria. En bovenal een terras met uitzicht op het meer.
Twist
Het restaurant van het Valsana hotel. Hier heb je te maken met een moderne alpenkeuken met regionale producten en een volledig plantaardige Moving Mountains-kaart. Handig als je niet meer naar buiten wil, maar je kunt er ook heen als je er niet slaapt. De steak tartaar was verrukkelijk!
Rond Arosa liggen tientallen bergbeizli, alpenhutten die in de zomer gewoon open zijn, waar je binnenloopt met bergschoenen aan en waar de kaart bestaat uit Bündner gerstesoep, capuns, rösti en taart.
Bergbeizli Ochsenalp
Onze favoriet, op 1936 meter, en alleen te voet of met de mountainbike te bereiken.
Prätschalp Beizli
Makkelijk te combineren met het Bärenland en het Ricola-pad. Rustig en klein.
Prätschli-Stall
Verderop bij Prätschli, en hier kun je ook ’s avonds terecht, wat de meeste berghutten niet doen.
Carmennahütte
Mooi gelegen op de route tussen het Hörnli en de Weisshorn. Wandelaarsstop bij uitstek.
Hörnlihütte
Op 2511 meter op de Hörnligrat, gebouwd door de skiclub in 1923. Sinds kort met een flink uitgebreid panoramaterras. Historie én uitzicht.
Ook leuk zijn Alpenblick in Innerarosa met een groot terras, een veranda voor als de zon het even niet doet. Alpenrose Medergen is voor de dag dat je echt wil wandelen.
De meeste bergrestaurants sluiten rond een uur of vijf, dus plan je lunch daar en je diner in het dorp. En de openingstijden per hut wisselen door het seizoen, de dagelijkse lijst met wat er open is, staat op de site van Arosa Lenzerheide.
Arosa is niet alléén slow, hoor. Sterker nog: het ligt midden in het Bike Kingdom, het mountainbikegebied dat zich uitstrekt van Arosa via Lenzerheide tot Chur en dat inmiddels wereldbekers en een WK heeft gehost. Er liggen flowtrails waar je vooral hoeft te sturen en een skill center om eerst even te oefenen.
Een fiets huren doe je bij Gisler Sport in het dorp, een familiebedrijf waar ze je zonder gedoe op het juiste formaat zetten, e-bikes inbegrepen. Lessen neem je bij de Arosa Bikeschool, vanaf het Hörnli-dalstation, ook als je nog nooit op een mountainbike hebt gezeten. Een hele leuke manier om kennis te maken met mountainbiken.
Jaaa dit is zo vet! Arosa heeft een 18-holes baan (par 65) op zo’n 1800 meter, aangelegd door Don en Peter Harradine. Het is een van de hoogstgelegen van Europa.
Nergens vind je hoogstwaarschijnlijk zo’n mooi terrein met alpenweides, lariksbossen, beekjes en bijna honderd meter hoogteverschil tussen het laagste en het hoogste hole. Je hebt een handicap nodig, de greenfee ligt rond de CHF 100, en in de hoogzomer kun je vanaf een uur of vier nog een zonsondergangronde spelen. Na afloop eet je in het Golfhuis. Een balletje slaan op de driving range kan ook. Je speelt tussen de locals, maar we voelden hier ons heel erg welkom.
Het zomerseizoen loopt ongeveer van half juni tot eind oktober. Juli en augustus zijn het groenst en het warmst, september is stiller en het licht is dan op zijn mooist.
Een paar data om rekening mee te houden: eind juli zijn er de Arosa Jazz Days, in juli en augustus de bike-weekenden, en begin september de Arosa ClassicCar (een klim van 7,3 kilometer en 76 bochten van Langwies omhoog met klassieke racewagens). Dat laatste is het drukste weekend van de zomer, dus boek op tijd als dat je ding is (of vermijd het juist als je voor de rust komt). Die events zijn dus echt hartstikke leuk, maar zo is de gehele zomer in Arosa!